1892-1893

Zijn laatste jaar

De voortekenen
De voortekenen daarvoor deden zich voor in de loop van 1892: het te laat komen of zelfs ontbreken bij vieringen, hij, de man die het spirituele leven in het klooster in met name de jaren tachtig, zo mooi overeind had gehouden. Voor velen was toen geld verdienen voor de afbouw van kerk en klooster belangrijker geweest dan gebed.

Zijn laatste eucharistie

Op 8 december 1892, feestdag van door de door hem vereerde Maria onbevlekte ontvangenis, vierde hij het laatst eucharistie, aan zijn geliefde oude altaar dat nog in de oude kerk had gestaan. De wond aan zijn been was weer ontstoken en had wondroos veroorzaakt. Dit was dodelijk, in een tijd zonder penicilline en andere antibiotica. Hij moest het bed houden en verzwakte langzaam maar zeker. Onophoudelijk bleef hij bidden en moedigde ook studenten die aan zijn bed waakten aan dat te doen.

Zijn vervanger

Pater Salvian gaf in deze tijd de zegen met de relieken aan de mensen die aan de poort bleven komen, maar zo schreef hij: ‘Om eerlijk te zijn, ik houd niet van zo’n taak. Er is niet genoeg heiligheid in me om wonderen te bewerkstelligen’.